Nog geen lid?
CPK

De commissie Deskundigheidsbevordering (DKB) is in 2003-2004 bezig geweest met vervolg op de ontwikkeling van de profielschets voor een ergo-/fysiotherapeut gespecialiseerd in handtherapie. Tijdens de algemene ledenvergadering in april 2004 heeft Madelein Vroomen, voorzitter van de commissie Deskundigheidsbevordering, verslag gedaan van de werkzaamheden van het afgelopen jaar. Voor al diegenen die er niet bij waren of die hetgeen verteld is nog eens rustig willen nalezen, volgt hier het verslag.

NVE
In september 2002 heeft een overleg plaatsgevonden met de NVE. Binnen de NVE zijn er op dat moment nog geen specialisaties actueel. Het NGHT geeft als eerste aan dat men behoefte heeft om zich te onderscheiden van de rest van de beroepsgroep. De NVE staat er niet onwelwillend tegenover, míts behandeling van patiënten met hand-/armproblemen niet alleen voorbehouden wordt aan gecertificeerde ergotherapeuten.

KNGF
In Januari 2003 heeft de commissie DKB een gesprek met het KNGF. Specialisatie blijkt een beschermde term te zijn, waarbij je aan allerlei wettelijke verplichtingen moet voldoen. Het KNGF heeft daarom gekozen voor de term ‘verbijzondering’. Dit heeft dus ook gevolgen voor onze profielschets ‘ET/FT gespecialiseerd in handtherapie’.
Binnen het KNGF functioneren de volgende structuren: netwerken (bijv. rondom bepaalde diagnosegroepen), beroepsinhoudelijke verenigingen (bijv. bekkeninstabiliteit, sportfysiotherapie)en verbijzonderingen (bijv. kinderfysiotherapie, manuele therapie). Het NGHT is, in de ogen van het KNGF, een netwerk. Om te evolueren naar een beroepsinhoudelijke vereniging moeten we aan een aantal eisen voldoen.
Allereerst moeten we aantonen, waarin we ons als handtherapeut onderscheiden van een gewone therapeut w.b. kennis en vaardigheden. Daarnaast moeten we aantonen dat we een specifieke doelgroep hebben, die duidelijk te onderscheiden is. Dit alles moet worden vastgelegd in een functieprofiel (domeinen en taken omschrijven) met een beroepscompetentieprofiel en attitude. Daaronder valt ook hoe je het niveau van je leden meet, bijv. welke opleiding iemand moet volgen of welk examen hij/zij moet afleggen. Onze profielschets is hiervoor wel een aanzet, maar dekt de lading niet. Indien we een functieprofiel, beroepscompetentieprofiel met attitude hebben opgesteld, moeten er eisen worden opgesteld voor het up-to-date houden van de kennis en vaardigheden (bijv. minimaal 20 studiepunten halen binnen 5 jaar, minimum aantal uren per jaar werken met betreffende diagnosegroepen). Voldoet een therapeut aan de eisen, dan wordt hij/zij geregistreerd in een zogenaamd aantekeningenregister. Zo’n aantekeningenregister geeft vaak het recht tot een apart declaratietarief bij de zorgverzekeraars. De beroepsinhoudelijke vereniging, in ons geval het NGHT, stelt alles op, keurt het goed, evenals de leden van het KNGF.
In het geval van een verbijzondering groeit een beroepsinhoudelijke vereniging door naar verbijzondering. Een fysiotherapeut volgt een specifieke, vaak meerjarige opleiding, bijv. manueel therapeut, en sluit deze af met een examen. Hij/zij wordt daarna geregistreerd in een register, weer beheerd door het KNGF. Voor de verbijzondering gelden hogere eisen voor verplichte bij- en nascholing (bijv. binnen 5 jaar 60 studiepunten halen).
Het KNGF wil in de toekomst vanuit de verbijzonderingen doorgroeien naar wetenschappelijke verenigingen. Zij zijn niet zo geïnteresseerd in nóg een beroepsinhoudelijke vereniging. Zij willen de fysiotherapeut herkenbaar houden voor de patiënt. En zo voorkomen dat er teveel verschillende registers ontstaan (bijv. 300 verschillende netwerken). De gewone therapeut moet niet bedreigd worden door al die registers. Het KNGF heeft het volgende advies aan ons:
Blijf een netwerk. Profileer je vereniging eerst meer en zorg voor meer leden. Zorg voor één scholing tot hand-/armtherapeut met daaraan gekoppeld een examen. Indien dit voldoende body heeft gekregen en het binnen de maatschappij een zo belangrijk apart onderdeel binnen de fysiotherapie wordt, probeer dan een beroepsinhoudelijke vereniging te worden. Zij vinden ons aandachtsgebied (patiënten met arm-/handfunctieproblemen) erg ruim. Kan een patiënt met armproblemen bij iedere handtherapeut terecht, bijv. kan een armamputatie, traumaletsel, hemiplegische hand door iedereen behandeld worden? Of heb je daarvoor een andere specialist nodig?

Internationale ontwikkelingen
Het laatste jaar hebben we geprobeerd aan te sluiten bij ontwikkelingen in landen om ons heen (Engeland heeft bijv. een gefaseerde opleidingsstructuur, waarbij de BAHT opleidingen op verschillende niveau’s biedt, Zwitserland heeft een examen ontwikkeld). Via Thieu du Bois is er geprobeerd internationale contacten te leggen in EFSHT en IFSHT. Men is nu bezig om de mogelijkheden tot een europees certificaat te inventariseren.

Werk binnen de commissie deskundigheidsbevordering
Op basis van de gesprekken met de beroepsverenigingen en de internationale ontwikkelingen hebben we de volgende keuzes gemaakt:
We hebben het bestuur gevraagd om veel aandacht te besteden aan PR en naamsbekendheid.
Binnen de commissie Deskundigheidsbevordering hebben we besloten om de uitdaging aan te gaan en te beginnen met stap 1. van de beroepsinhoudelijke vereniging: het beschrijven, waarin we ons onderscheiden van een gewone therapeut in een functieprofiel. Van het KNGF hebben we toestemming om gebruik te maken van hun ‘Model functieprofiel, model opleidingsprofiel/competentieprofiel, verbijzonderingen fysiotherapie’. Vanwege de actuele internationale ontwikkelingen hebben we besloten direct onze energie te steken in een Engelstalig functieprofiel.
Het is een grote klus, maar het hebben van een goed functieprofiel biedt het NGHT en zijn leden de volgende voordelen:
* op nationaal en internationaal niveau kunnen we ons beter profileren als handtherapeut.
* het is een basisstuk, waarop we eindtermen kunnen baseren voor een eventueel examen.
* bij verwijzers, collega’s en zorgverzekeraars kunnen we laten zien, waarin we ons onderscheiden van de andere collega’s uit onze beroepsgroepen.
* met de scholingsaanbieders kunnen we makkelijker praten om overeenstemming te bereiken over inhoud en kwaliteit van scholing op het gebied van handtherapie voor beide beroepsgroepen.
* het functieprofiel is de eerste opstap tot het aanvragen van "verbijzondering" bij de het KNGF/NVE.

De laatste ontwikkelingen zijn dat we in april 2004 een gesprek hebben gevoerd met de twee grootste scholingsaanbieders in Nederland, namelijk met Ton Schreuders namens de opleiding Handtherapie in Rotterdam en Hans Bult namens het NPi. De belangrijkste conclusie uit dit gesprek is dat zij certificering interessant vinden als het ook op internationaal niveau onderscheid biedt (status). Zeker als het tot gevolg heeft dat het NGHT zich ontwikkelt tot een beroepsinhoudelijke vereniging met evt. ander tarief. Zij denken dat leden dan geïnteresseerd zullen zijn een certificaat te halen. Beiden tekenen aan dat een certificaat betekenis moet hebben (je onderscheiden van anderen). De discussie ging er ook over hoe hoog leg je de lat (een voorstel was niveau 1: 1e lijns FT, bijv. zich onderscheiden van collega die geen basis cursus handtherapie heeft gevolgd; niveau 2: handenteamniveau. Zij zien geen actieve rol voor zichzelf weggelegd in het te ontwikkelen certificaat. Zij zijn wel geïnteresseerd in welk kennisniveau er zal worden gevraagd van de therapeut, zodat zij daarop kunnen inspelen met hun opleidingen. Zij zien voor het NGHT een rol om leden goed voor te bereiden op een examen. De commissie Deskundigheidsbevordering zal het komend jaar besteden aan het verder schrijven van het functieprofiel en kijken welke mogelijkheden er zijn om bijv. het Amerikaanse certificeringssysteem naar Europa te halen. Er zijn dus wel ontwikkelingen, maar het gaat langzaam. Er is zat werk te verzetten. Iedereen die geïnteresseerd is, wordt door ons van harte uitgenodigd om deel te nemen aan de commissie. Het kan met veel actieve leden alleen maar sneller gaan.

Commissie Deskundigheidsbevordering
Juni 2004.